woensdag 12 juli 2017

De kronieken van Bob Dylan

Het boek Chronicles: Volume One van Bob Dylan werd in 2004 al eens in ’t Nederlands uitgegeven, maar het viel te verwachten dat er een heruitgave zou komen toen Dylan de Nobelprijs toegewezen kreeg.
Ik heb dat boek uit de bib gehaald en er al een stukje uit gelezen. Het vraagt, zie ik, meer aandacht dan ik het nu kan geven. Morgen breng ik het naar de bib terug. Bedoeling is dat ik het er weer uit weghaal wanneer ik er de tijd voor heb. 
Het stukje dat ik hier post dient me tot geheugensteun. Want ik neem me voor om het boek op een welbepaalde manier te lezen. Mij interesseert het bijvoorbeeld om te weten hoe Dylan het ambacht van het liedjesschrijven onder de knie krijgt: ‘Ik kan niet zeggen wanneer het bij mij opkwam om mijn eigen liedjes te gaan schrijven. Ik kon zelf niks bedenken wat ook maar in de buurt kwam van de folkteksten die ik zong om uit te drukken hoe ik over de wereld dacht. Volgens mij overkomt het je geleidelijk. Je wordt niet op een dag wakker met het besluit liedjes te gaan schrijven, en helemaal niet als je er al een heleboel hebt en er elke dag nieuwe bij leert. Je krijgt op een gegeven moment misschien de kans om iets aan te passen, van iets wat al bestaat iets te maken wat er nog niet was. Dat kan een beginnetje zijn. Sommige dingen wil je gewoon op jouw manier doen, je wil zelf zien wat er achter dat mistgordijn ligt. Het is niet zo dat de liedjes naar je toe komen en dat je ze uitnodigt om binnen te komen. Zo gemakkelijk is het niet. Je wil liedjes schrijven die groter zijn dan het leven zelf. Je wil iets zeggen over de rare dingen die je overkomen, die je ziet. Je moet iets weten en iets begrijpen en dan het jargon links laten liggen. (…)’
Dit citaat wijst me er op dat Dylan het her en der in dat boek over het ambacht zal hebben. Ik blader verder en zie dat hij het in het laatste hoofdstuk over Bertolt Brecht en Kurt Weil heeft en over Pirate Jenny, een lied van hen beiden, een song uit de Driestuiversopera. Dat is wat daar op bladzijde 293 over staat: ‘Later heb ik het liedje proberen te demonteren, om te zien wat het geheim was, het mechaniek, waarom het zo effectief was.’ Bob Dylan is in de loop van dat boek een ambachtsman geworden!
Flor Vandekerckhove

Bob Dylan. Kronieken. Amsterdam Nijgh & Van Ditmar. 311 pp.

Een reactie plaatsen